
2.1 Onderwijs en kwaliteit
Onderwijskwaliteit en kwaliteitsmanagement
Vanaf het voorjaar 2024 heeft VCOG haar aandacht gericht op de kwaliteit van het rekenonderwijs, als onderdeel van de hernieuwde aandacht voor de basisvaardigheden. Deze aandacht is al langer voelbaar in de landelijke politiek en ook de inspectie heeft haar toezicht hierop aangepast. In het kader is een nieuwe standaard toegevoegd: OP0 basisvaardigheden. In deze nieuwe standaard wordt het aanbod van de basisvaardigheden en de wijze waarop dat zichtbaar is in de klas beoordeeld. Vanaf 2025 telt de kwaliteit van de standaard basisvaardigheden mee in de beoordeling door de inspectie.
Los van deze landelijke ontwikkeling, constateerde VCOG al in 2023 dat het rekenonderwijs na de Corona periode moeizaam terugkwam op het oude niveau. Vanuit de afdeling Onderwijs & Kwaliteit is samen met het leernetwerk een vragenlijst ontwikkeld waarmee begin 2024 de stand van zaken rond het rekenonderwijs in beeld is gebracht.
Aan de hand van deze uitkomsten zijn adviezen geformuleerd en besproken met de directeuren van de scholen. Het belangrijkste advies betrof de inzet en facilitering van een rekenspecialist op de school, de versterking van het betekenisvolle aanbod in de kleutergroepen, meer aandacht voor automatiseren en memoriseren en de afstemming van het aanbod en instructie richting het 1S niveau.
De ambulante uren voor de rekenspecialisten is bij de start van schooljaar 2024-2025 gerealiseerd tot een max van 0.4 FTE. Hiermee werd het mogelijk voor de specialisten om in de groepen te kijken en samen met de leerkracht de instructiekwaliteit te verbeteren.
Daarnaast hebben alle scholen voor de zomervakantie een rekenplan geschreven, deze plannen zijn in september 2024 besproken met de onderwijsadviseurs vanuit O&K. De focus blijft het schooljaar 2024-2025 op de realisatie van dit plan.
De VCOG heeft bij de start van het schooljaar het nieuwe kwaliteitsinstrument SuccesSpiegel geïmplementeerd. Het instrument bestaat uit vragenlijsten voor ouders, leerkrachten en leerlingen, waarin de betrokkenen bevraagd worden op de kwaliteit van het onderwijs. Daarnaast zijn er vragenlijsten uitgezet om de leidinggevende kwaliteit op meerdere niveaus in kaart te brengen. De onderwijskwaliteitsuitkomsten zijn besproken in ieder schoolteam en aan de orde geweest tijdens de onderwijskwaliteitsdialogen bij de start van 2025.
SuccesSpiegel maakt onderdeel uit van het nieuwe kwaliteitshandboek. Aan het einde van het schooljaar 2024-2025 wordt het instrument geëvalueerd. Een ander belangrijk onderdeel van het nieuwe handboek betreft de visie op kwaliteitsmanagement. Deze visie is in het najaar van 2024 opnieuw vastgesteld. De VCOG heeft bewust gekozen voor de term kwaliteitsmanagement in plaats van kwaliteitszorg. Vanuit deze visie gaat de Stichting de komende jaren proactief, integraal en planmatig verder werken aan kwaliteitsverbetering. Begin 2025 wordt het handboek vastgesteld. Daarin staat naast de visie beschreven hoe de VCOG het managen van de kwaliteit realiseert.
In het voorjaar van 2024 stonden er schoolbezoeken op het programma. Het bestuur heeft samen met de adviseur O&K iedere school bezocht. Het lesbezoek maakte deel uit van het dagprogramma. Het bezoek van 2024 stond in het teken van kennismaking. In het voorjaar van 2025 staan er opnieuw schoolbezoeken gepland. Tijdens dit bezoek gaan het bestuur en de adviseur o.a. in gesprek met de rekenspecialist van de school. Tijdens het lesbezoek ligt de focus op de rekenles. Naast het schoolbezoek wordt de kwaliteitsdialoog meer integraal ingezet door de stafafdeling gezamenlijk in gesprek te laten gaan met de schoolleiding.
Doelen en resultaten
De VCOG heeft vanuit het strategisch plan gericht gewerkt aan meerdere ambities, waaronder kansengelijkheid. Iedere school is gevraagd een populatiebeschrijving te maken. De gegevens vanuit de NCO-rapportage werd hierbij gebruikt. Omdat Groningen te maken heeft met sterke segregatie is kennis van de populatie blijvend nodig om het aanbod goed af te stemmen op de behoefte van de leerlingen. De inzet van jeugdhulp speel hierbij een rol. Het is duidelijk voor VCOG dat de segregatie van onze scholen vraagt om maatwerk, ook in de ondersteuning vanuit de Stichting (zie paragraaf Passend Onderwijs).
Ook was er in 2024 naast de focus op het rekenonderwijs veel aandacht voor de basiskwaliteit in algemene zin. Alle scholen hebben in oktober 2024 de QuickScan rond het inspectiekader ingevuld. In deze scan heeft de schoolleiding de kwaliteit van de inspectiestandaarden in de school gewaardeerd. De uitkomsten en ontwikkelpunten zijn met de schoolteams, het bestuur en de adviseur O&K besproken. De aandacht lag daarbij vooral op de kwaliteit van de pedagogisch- en didactische vaardigheden.
Samen met het samenwerkingsverband en andere onderwijsbesturen uit de gemeente stond 2024 in het teken van verdere ontwikkeling op het terrein van inclusiever onderwijs. Er is meer oog voor de context rond een leerling om te komen tot een goede afstemming van het aanbod.
Vanuit verschillende stafafdelingen wordt samen met de scholen ingezet op de pijlers, zoals geformuleerd door het ministerie van OCW rond de ontwikkeling richting meer inclusief onderwijs. Naast onderwijskundige benaderingen, vormt het toerusten van het personeel en de inrichting van het gebouw onderdeel van deze pijlers. In de toerusting van het personeel werken onderwijs en HR nauw met elkaar samen. Daarnaast levert het team Leren & Ontwikkelen een belangrijke bijdrage aan de ontwikkeling van personeel en de inzet van specialisten in de school. De samenwerking met jeugdhulp heeft een impuls gekregen door de inrichting van een gemeente breed PO WIJ team die in september 2024 van start is gegaan (zie paragraaf Passend Onderwijs).
Onderwijsresultaten en inspectietoezicht
De onderwijsresultaten zijn ook in 2024 uitgesplitst in de basisvaardigheden taalverzorging, lezen en rekenen. In onderstaande tabellen staan de eindopbrengsten per vakgebied en per school uitgewerkt.
Voor de inspectie zijn de waarden boven de signaalwaarde naar schoolweging voldoende. De VCOG houdt de ambitie aan dat alle scholen op of boven het landelijk gemiddelde scoren die bij de schoolweging hoort.
Figuur 1: overzicht resultaten vakgebied LEZEN VCOG-scholen doorstroomtoets 2024
| school | toets | school weging 2023 |
landelijk gemiddelde 1F |
signalerings waarde 1F |
resultaat 2024 1F |
landelijk gemiddelde 2F |
signalerings waarde 2F |
resultaat 2024 2F |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Anne Frankschool | IEP | 32,12 | 95,4% | 85,0% | 100% | 57,9% | 43,5% | 79% |
| Nassauschool | CITO | 23,52 | 97,4% | 85,0% | 98% | 69,5% | 58,6% | 92% |
| De Kleine Wereld | IEP | 36,46 | 93,0% | 85,0% | 100% | 49,5% | 35,7% | 67% |
| De Wegwijzer | IEP | 33,33 | 95,0% | 85,0% | 100% | 55,1% | 41,5% | 78% |
| De Hoeksteen | IEP | 33,92 | 95,0% | 85,0% | 100% | 55,1% | 41,5% | 62% |
| t Kompas | IEP | 33,76 | 95,0% | 85,0% | 100% | 55,1% | 41,5% | 73% |
| De Tamarisk | CITO | 31,56 | 95,5% | 85,0% | 100% | 58,6% | 45,5% | 38% |
| De Heerdstee | IEP | 35,04 | 94,0% | 85,0% | 100% | 51,4% | 37,5% | 78% |
| Dom Helder | IEP | 28,55 | 96,6% | 85,0% | 100% | 63,3% | 50,6% | 78% |
| Meeroevers | IEP | 25,35 | 96,8% | 85,0% | 98% | 65,9% | 55,1% | 79% |
| AquaMarijn | IEP | 24,24 | 97,2% | 85,0% | 100% | 67,2% | 56,6% | 68% |
| De Rietzee | CITO | 23,82 | 97,4% | 85,0% | 100% | 69,5% | 58,6% | 84% |
Figuur 2: overzicht resultaten vakgebied REKENEN VCOG-scholen doorstroomtoets 2024
| school | toets | school weging 2023 |
landelijk gemiddelde 1F |
signalerings waarde 1F |
resultaat 2024 1F |
landelijk gemiddelde 2F |
signalerings waarde 2F |
resultaat 2024 2F |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Anne Frankschool | IEP | 32,12 | 95,4% | 85,0% | 95% | 57,9% | 43,5% | 42% |
| Nassauschool | CITO | 23,52 | 97,4% | 85,0% | 100% | 69,5% | 58,6% | 55% |
| De Kleine Wereld | IEP | 36,46 | 93,0% | 85,0% | 83% | 49,5% | 35,7% | 33% |
| De Wegwijzer | IEP | 33,33 | 95,0% | 85,0% | 94% | 55,1% | 41,5% | 47% |
| De Hoeksteen | IEP | 33,92 | 95,0% | 85,0% | 72% | 55,1% | 41,5% | 17% |
| t Kompas | IEP | 33,76 | 95,0% | 85,0% | 85% | 55,1% | 41,5% | 55% |
| De Tamarisk | CITO | 31,56 | 95,5% | 85,0% | 75% | 58,6% | 45,5% | 13% |
| De Heerdstee | IEP | 35,04 | 94,0% | 85,0% | 93% | 51,4% | 37,5% | 37% |
| Dom Helder | IEP | 28,55 | 96,6% | 85,0% | 96% | 63,3% | 50,6% | 44% |
| Meeroevers | IEP | 25,35 | 96,8% | 85,0% | 91% | 65,9% | 56,6% | 21% |
| AquaMarijn | IEP | 24,24 | 97,2% | 85,0% | 90% | 67,2% | 55,1% | 44% |
| De Rietzee | CITO | 23,82 | 97,4% | 85,0% | 100% | 69,5% | 58,6% | 73% |
Figuur 3: overzicht resultaten vakgebied TAALVERZORGING VCOG-scholen doorstroomtoets 2024
| school | toets | school weging 2023 |
landelijk gemiddelde 1F |
signalerings waarde 1F |
resultaat 2024 1F |
landelijk gemiddelde 2F |
signalerings waarde 2F |
resultaat 2024 2F |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Anne Frankschool | IEP | 32,12 | 95,4% | 85,0% | 100,0% | 57,9% | 43,5% | 74,0% |
| Nassauschool | CITO | 23,52 | 97,4% | 85,0% | 100,0% | 69,5% | 58,6% | 45,0% |
| De Kleine Wereld | IEP | 36,46 | 93,0% | 85,0% | 100,0% | 49,5% | 35,7% | 67,0% |
| De Wegwijzer | IEP | 33,33 | 95,0% | 85,0% | 97,0% | 55,1% | 41,5% | 56,0% |
| De Hoeksteen | IEP | 33,92 | 95,0% | 85,0% | 97,0% | 55,1% | 41,5% | 28,0% |
| t Kompas | IEP | 33,76 | 95,0% | 85,0% | 100,0% | 55,1% | 41,5% | 58,0% |
| De Tamarisk | CITO | 31,56 | 95,5% | 85,0% | 75,0% | 58,6% | 45,5% | 50,0% |
| De Heerdstee | IEP | 35,04 | 94,0% | 85,0% | 96,0% | 51,4% | 37,5% | 59,0% |
| Dom Helder | IEP | 28,55 | 96,6% | 85,0% | 94,0% | 63,3% | 50,6% | 54,0% |
| Meeroevers | IEP | 25,35 | 96,8% | 85,0% | 95,0% | 65,9% | 55,1% | 53,0% |
| AquaMarijn | IEP | 24,24 | 97,2% | 85,0% | 95,0% | 67,2% | 56,6% | 51,0% |
| De Rietzee | CITO | 23,82 | 97,4% | 85,0% | 100,0% | 69,5% | 58,6% | 68,0% |
Toelichting:
Schoolweging
Op grond van de achterstandsscore van iedere leerling (opleiding ouders, migratieachtergrond, verblijfsduur NL, schuldsanering) berekent het CBS per leerling een onderwijsscore. De schoolweging betreft de onderwijsscore van alle leerlingen van de school op de peildatum.
LG1F
De opbrengsten worden gemeten naar referentieniveaus (daadwerkelijk behaalde onderwijsdoelen, afgeleid van de kerndoelen. 1F is het eerste referentieniveau (VMBO BB t/m GL/TL). De LG is het landelijk gemiddelde van Nederlandse scholen met soortgelijke schoolweging. Voor LG 2F (TL/HAVO/VWO) geldt dezelfde uitleg.
Signaleringswaarde
De signaleringswaarde (ondergrens) voor 1F betreft voor alle scholen 85%, ongeacht de schoolweging. De inspectie duidt een percentage onder de 85% als onvoldoende. De komende jaren gaat de signaleringswaarde van 1F naar 100%. De signaleringswaarde van 1S/ 2F wordt bepaald door de schoolweging, deze is niet generiek.
Uit de opbrengsten kan geconcludeerd worden dat deze over 2024 gemiddeld genomen voor de drie vakgebieden voldoende zijn wat betreft het 1F niveau. Hierbij gaan we uit van de beoordeling die de inspectie hanteert, namelijk dat de school boven de signaalwaarde scoort horend bij de weging van de school.
Wat opvalt is dat de resultaten op de hogere referentieniveaus (2F/1S) achterblijven. Naast rekenen is hier breder aandacht voor. Aan de scholen is gevraagd schoolnormen te formuleren op beide referentieniveaus. De ambities zijn hoog ingestoken, alle scholen scoren stap voor stap op of boven het landelijke gemiddelde horend bij de schoolweging op beide niveaus. In schooljaar 2024-2025 zijn daarin duidelijke eerste stappen gezet met de invulling van de QuickScan, de populatiebeschrijving en de inzet op het rekenonderwijs (zie doelen en resultaten). Met de ingeslagen weg verwacht VCOG in ieder geval een stijgende lijn in de resultaten van 2025.
Op 22 april 2024 heeft de inspectie een risico gericht onderzoek op samenwerkingsschool Meeroevers uitgevoerd. De conclusie van het onderzoek was dat de school het predicaat zeer zwak heeft gekregen. Het bestuur heeft bij de start van 2024 een interim-directeur aangesteld op de school. Deze directeur heeft een plan van aanpak geschreven en een nieuw schoolplan geschreven. In 2024 is er op alle niveaus in de school gewerkt aan de realisatie van de plannen, daarbij heeft de PO-Raad met het traject ‘Goed Worden, Goed Blijven’ de school ondersteund bij het verbetertraject. Inmiddels is er een nieuwe directeur op de school benoemd. Op alle standaarden zijn enorme kwaliteitsstappen gezet. Het tussentijds gesprek met de inspectie begin 2025 was dan ook zeer positief. In de tweede helft van 2025 wordt de school opnieuw beoordeeld.
Onderwijs aan nieuwkomers
In 2024 heeft de VCOG samen met de gemeente en andere onderwijsbesturen het onderwijs aan nieuwkomers verder versterkt. Het schakelarrangement voor nieuwkomers die doorstromen naar het reguliere onderwijs is doorontwikkeld. Vanuit het Expertise Centrum Anderstaligen Groningen, waar de VCOG in participeert, hebben scholen de mogelijkheid gekregen om de kennis op het terrein van NT2-onderwijs verder te vergroten. Leerlingen die doorstromen krijgen extra ondersteuning aangeboden op hun nieuwe school. De schakelarrangementen zijn rond de zomer ook ingericht voor het voortgezet onderwijs. Ondanks de extra inzet in het VO is ook dit jaar een goede overgang van nieuwkomers in groep acht moeilijk gebleken. Inmiddels is er een werkgroep ingericht waarin het primair- en voorgezet onderwijs is vertegenwoordigd om voor deze groep leerlingen extra ondersteunende leerroutes te realiseren. De toestroom van nieuwkomers is begin 2024 gestaag afgenomen. Om deze reden is VCOG in de tweede helft van het jaar begonnen met de afbouw van het aantal schakelgroepen. Echter aan het eind van het kalenderjaar is het aantal leerlingen onverwacht opnieuw toegenomen en zag VCOG zich genoodzaakt om samen met de scholen, waar taalklassen zijn gehuisvest, weer op te schalen. Bij de start van 2025 heeft VCOG twee taalklassen ingericht op AquaMarijn en twee op De Heerdstee. Daarnaast zijn er vier taalklassen ingericht op De Kleine Wereld en een nieuwkomers kleutergroep. De schommelingen in de toestroom van leerlingen heeft ook in 2024 veel flexibiliteit gevraagd van leerkrachten, directies en het bestuur.
Passend Onderwijs
Bij de start van het schooljaar 2024-2025 heeft de gemeente een PO WIJ team ingericht. Dit betekent dat iedere school een vaste jeugdhulp medewerker heeft die onderdeel uitmaakt van een vast team van WIJ medewerkers speciaal voor het basisonderwijs. Het samenwerkingsverband zag hiermee een langverwachte wens in vervulling gaan. Met de komst van het vaste team en de vaste schoolmedewerker wordt de samenwerking tussen jeugd-gezinshulp en het onderwijs verder versterkt. Met de PO WIJ medewerker kan het kind team van de school zich ook beter ontwikkelen tot een vast schoolteam.
Stichting VCOG Onderwijs is aangesloten bij het Samenwerkingsverband PO 20.01 in Groningen. Er wordt samengewerkt om een hoog niveau van basisondersteuning te realiseren. Bij de verdeling van het Passend Onderwijs budget is voor wat betreft 2025 voor het eerst de schoolzwaarte meegenomen. In het najaar van 2024 hebben de scholen een indicatie gegeven rond de zwaarte van de populatie op grond, verschillende indicatoren lagen hieraan ten grondslag. Daarop zijn de schoolbudgetten verdeeld. Het is een aanpassing op eerder beleid waarbij de schoolgrootte de verdeling bepaalde. Voor de zomer van 2025 vindt er een evaluatie plaats om na te gaan of VCOG met deze wijze van verdelen op de goede weg zit. De nieuwe beleidsrichting hangt samen met de aandacht voor de populatie beschrijving, de segregatie en de kansengelijkheidsambitie van VCOG.
Zo ook het feit dat er budget is vrijgemaakt om op De Wegwijzer een negende groep in te richten. Leerlingen die in de reguliere groep vastlopen door hun pedagogische ondersteuningsbehoefte, kunnen met een goed onderbouwd plan worden geplaatst in deze groep. Een ervaren leerkracht op gedragsterrein geeft les in de groep. Naast de cognitieve ontwikkeling is er in de kleine setting veel aandacht voor gedragsregulering en structuur. De plaatsing in groep negen is tijdelijk van aard. Het helpt de leerling en daarbij geeft het meer rust in de groep waar deze leerling uitkomt. Op deze wijze profiteren ook andere leerlingen van deze groep. De negende groep is een pilot. Aan het einde van schooljaar 2024-2025 vindt er een evaluatie plaats, waarna gekeken wordt hoe VCOG hiermee verder gaat. De inrichting van deze groep past in de opdracht om toe te werken naar inclusiever onderwijs en in de visie om naast kind kenmerken ook steeds meer te kijken naar de context rond een leerling, deze kan een rol spelen bij het vastlopen van de ontwikkeling.
In 2024 heeft VCOG 25 leerlingen verwezen naar het SBO. Dat is een percentage van 0,8%. Het deelname percentage aan het SBO in 2024 was 2,36%. We zien dat het verwijzingspercentage in relatie tot 2022 weer oploopt. Daarbij zien we een verschuiving wat betreft meer verwijzingen richting SBO en minder richting SO-cluster 4. De verwijzingen naar SO-cluster 3 zijn ook toegenomen. Dat komt met name doordat de speciale voorzieningen voor leerlingen met autisme en hoogbegaafde leerlingen met een gedragsdiagnose verbonden zijn aan een SO-cluster 3 school. De afname van verwijzingen naar de SO-cluster 4 school is gelegen in het feit dat deze school een tijdlang op grond van het zeer zwakke arrangement een vol verklaring had.
Daarnaast stonden er in 2024 in totaal 9 thuiszitters en 12 risicoleerlingen geregistreerd in het volgsysteem (Indigo). Risicoleerlingen gaan nog naar school, de samenwerking met jeugdhulp is veelal intensief en er is vaak sprake van complexe gezinssituaties. Van de 9 thuiszitters was er eind 2024 voor 6 leerlingen een nieuw plek in het onderwijs gevonden.
Bovenstaande cijfers geven aan dat VCOG er goed aan doet om ook de komende jaren de focus te houden op Passend Onderwijs. Er is op meerdere terreinen nog veel nodig om het onderwijs inclusiever te maken en tegelijkertijd de kwaliteit te behouden. De pilot op De Wegwijzer (negende groep) hangt ook samen met de ambitie van VCOG om het aantal thuiszitters te verkleinen.
2.2 Personeel en professionalisering
Inleiding
Het strategische plan heeft voor HR een paar duidelijke doelen beschreven waar in 2024 mee verder is gewerkt. Het vinden, binden en behouden van personeel staat daarin centraal, waarbij in 2024 meer accent heeft gelegen op een langere termijnplanning. Een ander VCOG-breed doel is talentontwikkeling; voor HR betekende dat in 2024 een koppeling aan nieuwe en al bestaande HR-instrumenten. Een doel is ook dat we een lerende organisatie in brede zin willen zijn. Zo hebben we visie ontwikkeld ten aanzien van de gesprekkencyclus; hoe zorgen we ervoor dat medewerkers zich blijvend ontwikkelen? We gebruiken hiervoor de waarderende gesprekken methode. Het uitgangspunt van een gesprekkencyclus volgens deze methodiek, is een cyclus die is gericht op eigenaarschap, motivatie en ontwikkeling van de leerkracht. Grote bedrijven als banken en zorgverzekeraars passen deze methodiek met groot succes toe. Ook in het onderwijs heeft het waarderend onderzoek een enorme meerwaarde voor het voeren van gesprekken met medewerkers.
Verder is dit jaar ingezet op professionaliseren van personeel door veel te investeren in startende leerkrachten. Dit is gedaan middels een inductietraject, waarbij we de leerkrachten 3 jaar lang coachen en verder stimuleren in professionele ontwikkeling door middel van opleiding, training en coaching on the job. Daarbij wordt er veel samengewerkt tussen L&O en HR en is een aparte werkgroep geformeerd waarbij het instrument “Bardo” de gesprekkencyclus en professionalisering samenbrengt.
Om dit verder te bestendigen volgt er in 2025 een leergang waarderende gesprekken voor alle leidinggevenden en blijven we investeren in coaching, ontwikkeling én op een goede manier verslagleggen.
Kengetallen personeel
Aanstellingen
Onderstaande tabel geeft inzicht in de vaste en tijdelijke contracten in 2024.
| aanstellingen | vast | tijdelijk | vervanging | totaal | fte | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| onderwijsgevend | 186 | 89 | 90 | 365 | 223 | ||
| onderwijsondersteunend | 64 | 38 | 28 | 130 | 75 | ||
| 250 | 127 | 118 | 495 | 298 | |||
| in percentage | 51% | 26% | 24% | 100% |
Toelichting: onderwijzend personeel bestaat alleen uit leerkrachten. Onderwijsondersteunend personeel bestaat uit al het overige personeel op de scholen en het stafbureau.
Bij de aanstelling van nieuwe medewerkers wordt er gewaarborgd dat de medewerker een verklaring omtrent gedrag heeft overhandigd, voordat de werkzaamheden starten. In 2024 waren er 87 nieuwe medewerkers in loondienst en 1 medewerker niet in loondienst met een VOG verplichting. De VOG’s waren tijdig aanwezig.
VCOG heeft geen specifiek beleid om medewerkers met een arbeidsbeperking in dienst te nemen.
In en uitstroomcijfers
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Instroom | uitstroom | |
|---|---|---|
| Anne Frankschool | 4 | 2 |
| Nassauschool | 7 | 7 |
| De Kleine Wereld | 4 | 4 |
| De Wegwijzer | 13 | 3 |
| De Hoeksteen | 9 | 2 |
| t Kompas | 2 | 4 |
| De Tamarisk | 11 | 1 |
| De Heerdstee | 6 | 2 |
| Dom Helder Camaraschool | 8 | 7 |
| AquaMarijn | 8 | 4 |
| De Rietzee | 5 | 4 |
| Meeroevers | 9 | 7 |
| Directeuren | 1 | 1 |
| Bestuursbureau | 6 | 7 |
Toelichting: de in – en uitstroomcijfers van de invalpool zijn meegenomen onder de variabele ‘bestuursbureau’. De uitstroom per school is niet helemaal juist aangezien sommige medewerkers op meerdere scholen werkzaam waren en in dit overzicht is ervoor gekozen om 1 school te kiezen.
Vinden, binden en behouden
Inmiddels is duidelijk dat de komende jaren de druk op het vinden en behouden van leerkrachten hoog is en blijft. Vanuit HR wordt er extra geïnvesteerd in het behouden en werven van medewerkers. De lijn om te investeren in extra leerkrachten en onderwijsondersteunend personeel per school is doorgezet. Dit was deels nog mogelijk door de NPO-middelen en deels door een beroep te doen op de reserves. Daarbij kan opgemerkt worden dat er in 2024 geen commercieel bureau is ingezet voor het vinden van leerkrachten. Ook hebben we ons grotendeels kunnen houden aan de inschalingsafspraken zoals deze conform de cao en andere besturen worden gemaakt. Op het gebied van vinden, binden en behouden zijn de volgende activiteiten uitgevoerd:
Vinden
VCOG heeft blijvend geïnvesteerd in het vinden van personeel onder andere door een nauwe samenwerking tussen HR, communicatie en PR rondom wervingscampagnes. Ook hebben we nagedacht voor andere vormen van actieve werving zoals directe reclame, talentenpool, aanbevelingen door werknemers, promotie en overplaatsingen, stage - en leertrajecten, wervingsevenementen en mond - op - mond reclame wat heeft geleid tot het kunnen blijven vervullen van onze vacatures. Ook in 2024 namen we deel aan beurzen en voorlichtingen aan studenten.
We blijven investeren in de verkorte route naar leerkracht (verkorte Pabo en versneld voor de klas). Inmiddels zijn daar meerdere leerkrachten uit voortgekomen. VCOG investeert veel in LIO-ers, ook door een speciaal intern begeleidingsprogramma via leren en ontwikkelen. En volgend jaar willen we het ‘vinden’ ook borgen in een strategisch recruitmentbeleid gekoppeld aan de doelen van de organisatie.
Binden en behouden
In 2024 is een eerste aanzet gedaan tot strategische personeelsplanning op kwantitatief niveau. Binden is daarbij ook vaak: ‘boeien’, wat we doen door onze medewerkers via hun interesses te bereiken. Zo organiseren we een bijeenkomst nieuw personeel aan het begin van het nieuwe schooljaar en een voorlichtingsbijeenkomst voor LIO-ers. Ook is er in 2024 een succesvolle zomerborrel en kerstmarkt georganiseerd.
De investering in het coachen van LIO-ers en startende leerkrachten is doorgezet in 2024, dit krijgt verder vorm dankzij de inzet van 2 adviseurs leren & ontwikkelen. Om de professionalisering en ontwikkeling te volgen en startende leerkrachten goed te begeleiden wordt er gebruik gemaakt van het instrument Bardo, een digitale leeromgeving. Ook bestaat er een pool van coaches voor leerkrachten die al langer voor VCOG werken. Daarnaast konden medewerkers gebruik maken van vrijwillige interne mobiliteit naar een andere school. In deze tijden van krapte wordt daarbij ook rekening gehouden met individuele wensen van personeel.
De periode waarin het arbeidsaanbod het grootst is, blijft de formatieperiode in het voorjaar. Die begint met een meerjarenbegroting waarin wordt vooruitgekeken naar de inzet van personeel in de komende jaren. Extra middelen helpen bij een flexibele schil van personeel, die noodzakelijk is wegens fluctuerende leerlingenaantallen. Zo kunnen we de inzet van personeel de komende jaren blijven garanderen en houden we ook rekening met de instroom van personeel in de WW.
Verzuimcijfers

Het verzuim is gemiddeld 7,2% over het hele jaar gemeten (excl. zwangerschap gerelateerd verzuim). Wel zijn er grote verschillen per school. Dit verschil kan deels verklaard worden door meerdere factoren.
Kijkend naar het beïnvloedbaar verzuim wat arbeid gerelateerd is, nemen we de volgende factoren mee:
- Werkdruk en werkomstandigheden
Scholen met meer zorgleerlingen of gedragsproblematiek kunnen een hogere werkdruk ervaren, wat stress en uitval kan veroorzaken. Ook grote klassen of grotere groepen kunnen leiden tot een hogere werkbelasting en daarmee tot meer ziekteverzuim wanneer je daar geen ondersteunend personeel aan toevoegt. Er zijn ook scholen met een hogere administratieve last: meer administratie of extra taken kunnen leiden tot arbeid gerelateerd verzuim.
- Arbeidsomstandigheden en faciliteiten
Slechte ventilatie, koude of juist te warme lokalen kunnen fysieke klachten veroorzaken.
Hulpmiddelen en ondersteuning: scholen met ondersteunend personeel (onderwijsassistenten, IB'ers) verlagen de druk op leerkrachten.
- Personeelsbeleid en werk-privébalans
Contractvormen en flexibiliteit: Scholen met veel parttimers kunnen een lagere werkdruk ervaren dan scholen met vooral fulltimers.
Ziekteverzuimbeleid: Hoe streng of soepel er wordt omgegaan met ziekmeldingen en re-integratie kan het verzuim beïnvloeden.
- Externe factoren
Ligging van de school: scholen in stedelijke gebieden kunnen meer stress ervaren door hogere werkdruk of reistijd, terwijl scholen in dorpen minder last hebben van externe prikkels.
Seizoensgebonden uitval: in de winter kan er meer verzuim zijn door griep en verkoudheid, vooral op scholen met slechte ventilatie.
VCOG is in het 4e kwartaal van 2024 overgestapt naar de arbodienst Bloeij. Deze organisatie heeft aandacht voor alle facetten die invloed hebben op het welzijn van de mens. Hun aanpak is gebaseerd op wetenschappelijke modellen zoals het Huis van Werkvermogen en de Positieve Gezondheid. Modellen die passen binnen onze visie op duurzame inzetbaarheid. We willen in 2025 graag samen met de arbodienst en casemanagers meer regie op verzuim en streven naar een daling tot 5%.
Beïnvloedbaar verzuim verwijst naar ziekteverzuim dat (deels) voorkomen kan worden door inzet van gerichte maatregelen. Om dit type verzuim te reduceren, willen we graag een plan maken waarin we de inzet van middelen in de volgende categorieën meenemen; preventieve maatregelen, leidinggevende ondersteuning, arbodienst en HR-beleid en werkcultuur en communicatie. We verwachten met dit plan een daling van het verzuim te realiseren met 2,2%.
Toekomstige ontwikkelingen
De arbeidsmarkt in het primair onderwijs staat de komende jaren voor aanzienlijke uitdagingen, met name door verwachte tekorten aan leraren en directeuren.
Volgens prognoses van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) wordt in 2028 een tekort van ongeveer 4.777 fte aan leraren en directeuren in het primair onderwijs verwacht. Dit tekort zal naar verwachting oplopen tot 5.950 fte in 2034. Deze cijfers zijn gebaseerd op de huidige omstandigheden en beleid. De tekorten variëren sterk per regio.
In 2029 wordt bijvoorbeeld voor de regio Amsterdam een vacaturedruk van 9,1% verwacht, terwijl dit in Groningen 4,3% is. Dit duidt op aanzienlijke regionale verschillen in de arbeidsmarkt voor het primair onderwijs.
Specifiek voor Noord-Nederland wijkt de situatie op enkele punten af van het landelijke beeld. Het tekort aan leraren is hier lager dan het landelijke gemiddelde en zal de komende jaren naar verwachting licht dalen. De werkgelegenheid neemt in deze regio af, terwijl deze landelijk nagenoeg gelijk blijft. Daarnaast wordt verwacht dat Noord-Nederland minder instroom vanuit de pabo ontvangt en meer vanuit de stille reserve.
Conclusie: De arbeidsmarkt voor personeel in het primair onderwijs wordt de komende jaren gekenmerkt door aanzienlijke tekorten, met name in stedelijke gebieden zoals Amsterdam. Regionale verschillen spelen hierbij een belangrijke rol, waarbij Noord-Nederland een iets gunstiger positie inneemt. Wij volgen als onderwijsinstelling deze ontwikkelingen nauwlettend en nemen passende maatregelen in het vinden, binden en boeien van medewerkers zodat we de toekomstige tekorten het hoofd kunnen bieden.
Uitkeringen na ontslag
In 2024 is 18K uitgekeerd aan ontslagvergoedingen. Om deze kosten te verlagen nemen we de volgende maatregelen; we blijven werken aan een sterk werkgeversmerk; laten we naar buiten toe zien wie we van binnen zijn? En als mensen eenmaal bij ons werken hoe zorgen we er dan voor dat ze geboeid blijven? Daarnaast willen we middels een gedegen recruitment -en exit beleid meten en monitoren of wij onze werving en selectie kunnen verbeteren. Ook gaan wij ons meer richten op maatregelen/beleid om duurzame inzetbaarheid te bevorderen.
Het inductietraject wat we aanbieden voor startende leerkrachten is een van onze unique selling points waardoor leerkrachten vaak voor ons kiezen. Dit willen we verder verstreken en uitbreiden met een breder aanbod voor groei en ontwikkeling.
Strategisch personeelsbeleid
Ons personeelsbeleid is afgestemd op de onderwijskundige visie en de opgaven waar de scholen van VCOG voor staan. Onze onderwijskundige visie luidt:
"De leerling staat centraal: Geïnspireerd door liefde voor het kind, het vak en een identiteit die gericht is op liefde, saamhorigheid en respect voor ieder mens, daagt VCOG-kinderen uit om de regie te nemen over hun eigen ontwikkeling”.
Medewerkers worden gezien als de kostbaarste bron voor goed onderwijs. Daarom is er in het beleid veel aandacht voor de zorg en ontwikkeling van het personeel en hun loopbaan. Medewerkers krijgen de mogelijkheid om zich te ontwikkelen door middel van gerichte scholing en coaching. Per team en per individuele medewerker is er een professionaliseringsbudget vastgesteld t.b.v. duurzame inzetbaarheid. Ook investeren we speciaal in individuele coaching. Daarnaast bouwen we aan een waarderingsgerichte en ontwikkelgerichte cultuur. Dit willen we graag voortzetten in 2025.
Medewerkers worden gezien als de kostbaarste bron voor goed onderwijs. Daarom is er in het beleid veel aandacht voor de zorg en ontwikkeling van het personeel en hun loopbaan. Medewerkers krijgen de mogelijkheid om zich te ontwikkelen door middel van gerichte scholing en coaching. Per team en per individuele medewerker is er een professionaliseringsbudget vastgesteld t.b.v. duurzame inzetbaarheid. Ook investeren we speciaal in individuele coaching. Daarnaast bouwen we aan een waarderingsgerichte en ontwikkelgerichte cultuur. Dit willen we graag voortzetten in 2025.
Het personeelsbeleid stimuleert samenwerking binnen teams door middel van gezamenlijke lesvoorbereidingen en teamgerichte studiedagen. Dit sluit aan bij de visie van samenwerking in de klas. Daarnaast worden leerkrachten ondersteund in het ontwikkelen van pedagogische vaardigheden die gericht zijn op het bevorderen van zelfstandigheid bij leerlingen. Dit kan door gerichte coaching of observaties met feedback.
Het personeelsbeleid biedt tevens ruimte voor flexibele roosters en het inzetten van talenten van medewerkers op specifieke onderwijskundige uitdagingen, zoals intern begeleiding of verrijkingsprogramma’s.
In 2025 willen we visie vormen en kaders stellen voor het duurzame inzetbaarheidsbeleid. We willen graag investeren in welzijn en werkplezier, zoals werkdrukverlichting door ondersteunend personeel of het aanbieden van vitaliteitsprogramma’s, zodat leerkrachten hun focus kunnen houden op kwalitatief hoogstaand onderwijs.
Wij staan als stichting VCOG voor de opgave om elk kind optimaal tot ontwikkeling te laten komen. Door medewerkers te professionaliseren, samenwerking te bevorderen en continuïteit van onderwijs te borgen, draagt het personeelsbeleid direct bij aan het realiseren van deze doelen. We trekken hierin samen op met de GMR die ons ook regelmatig bevraagd en meedenkt over het personeelsbeleid.
Om de dialoog over het strategisch personeelsbeleid met leerkrachten en schoolleiders optimaal te faciliteren gaan we in 2025 verder met trainen en coachen van schoolleiders op dit onderwerp zodat we uiteindelijk ook een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan de volgende doelstellingen:
- Duurzaam personeelsbeleid: Zorgen voor een optimale bezetting, zowel in kwaliteit als kwantiteit.
- Kostenbesparing: Voorkomen van overbezetting of tekorten, wat financiële voordelen kan opleveren.
- Toekomstbestendigheid: Voorbereid zijn op veranderingen in de markt en technologische innovaties.
- Betrokkenheid en retentie: Werknemers beter ondersteunen in hun ontwikkeling, wat de betrokkenheid en loyaliteit verhoogt.
Sociale veiligheid personeel
VCOG brengt in kaart hoe het met de sociale veiligheid is gesteld binnen de scholen door middel van een QuickScan onder personeel, passend bij de RIE (Risico Inventarisatie en Evaluatie). Dit gebeurt middels de tool Arbomeester. In 2023 is een nieuwe RIE uitgevoerd door de scholen. Uit de bestaande resultaten uit 2018 blijkt dat 80% van de medewerkers geen agressie van ouders en leerlingen ervaart. Verder blijkt dat de onderlinge verhoudingen tussen collega’s als goed tot zeer goed wordt ervaren. Ook heeft VCOG al meerdere jaren een externe vertrouwenspersoon voor personeel. Twee medewerkers van de HR afdeling hebben een training gevolgd voor preventiemedewerker om op de hoogte te zijn van de nieuwste wet- en regelgeving op dit gebied. Op basis van deze actuele kennis kunnen zij het beleid ten aanzien van ongewenste omgangsvormen voor personeel aanscherpen.
2.3 Huisvesting en facilitaire zaken
Strategisch huisvestingsplan
In 2018 heeft VCOG een nieuw strategisch huisvestingsplan opgesteld. Hierbij is in kaart gebracht wat de wensen, risico’s en kansen zijn met betrekking tot onderwijshuisvesting in de stad Groningen. In 2024 is een nieuw IHP vastgesteld door de gemeente Groningen: Scholenplan Gro Up. Het nieuwe IHP/Scholenplan is een actualisatie van het oude IHP met een vooruitblik van 16 jaar (2024-2039) zoals landelijk afgesproken. Het geactualiseerde IHP is in mei 2024 door de raad vastgesteld. De actualisatie van de visie op onderwijs is de eerste stap in dit proces. Deze uitwerking betreft een vertaling van het inhoudelijk onderwijsbeleid naar bouwstenen voor huisvesting. Met andere woorden: wat zijn de te bereiken doelen t.a.v. kansengelijkheid, onderwijssegregatie, inclusief onderwijs, bewegingsonderwijs en wat betekent dit voor huisvesting in omvang, functionaliteit en spreiding. Deze visie richt zich niet op bouwkundige of duurzaamheidsaspecten. Die krijgen uiteraard ook een plek in het IHP, maar in een volgende stap in het proces. Deze duurzaamheidsambities komen voort uit de routekaart die de komende tijd door gemeente en schoolbesturen zullen worden verkend.
In het Scholenplan zijn een aantal thema’s prominent aanwezig. Sociale inclusie en het tegengaan van segregatie staan hier prominent in. Daarnaast zijn vernieuwende en duurzame huisvesting, belangrijke thema’s in dit nieuwe plan. Quote van de wethouder in het Scholenplan: “Vanuit de gedachte ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ krijgen bepaalde scholen, waar kinderen zitten die dat het hardste nodig hebben, meer ruimte. Zij kunnen dit inzetten voor verlengde schooldagen, betere begeleiding of praktijkonderwijs.”
De algemene strategie op gebied van onderwijshuisvesting is het optimaal gebruiken van de beschikbare huisvesting, anticiperen op ontwikkelingen in de wijk en aangehaakt zijn bij besluitvorming over de ontwikkelingen in de gemeentelijke ruimtelijke ordening. Voor het optimaal gebruiken van de beschikbare huisvesting gebruikt VCOG een externe partij die daarbij adviseert en het onderhoud organiseert.
Onderhoud en investeringen
Er is per schoolgebouw een MJOP (meerjaren onderhoudsplan) dat jaarlijks wordt geactualiseerd en/of bijgesteld. Het geplande onderhoud wordt veelal in de eerste helft van het jaar uitgevoerd. De organisatie hiervan is uitbesteed. Om de schoolgebouwen zo netjes en veilig mogelijk te houden wordt dit MJOP nauwgezet uitgevoerd. Er is een onderhoudsvoorziening getroffen om te kunnen sparen voor toekomstig cyclisch onderhoud om daarmee de onderhoudslasten minder te laten fluctueren.
In november 2017 hebben (bijna) alle schoolbesturen op de Klimaattop Noord Nederland een intentieverklaring getekend om zich in te zetten voor het energieneutraal maken van alle scholen in de gemeente Groningen. Zo ook VCOG. In afwachting van een grootschalige ingreep kan het voor bepaalde gebouwen interessant en mogelijk verplicht zijn (EML) om bepaalde kleinschalige verduurzamingsingrepen uit te voeren. De wettelijk verplichte EML-maatregelen kunnen, waar nog niet gerealiseerd wordt, door elk schoolbestuur worden uitgevoerd vanaf 2023. Naast de EML-maatregelen zijn de opties voor zichzelf terugverdienende korte termijn verduurzamingsingrepen beperkt. Enkel het plaatsen van PV-panelen (als EML-maatregel), voor zover mogelijk en nog niet gedaan, is een ingreep die zichzelf binnen afzienbare termijn terugverdiend. Andere ingrepen zoals het plaatsen van HR+++ glas, het extra isoleren van dak/gevel, etc. vragen om aanzienlijke investeringen terwijl de besparing in het verbruik van elektriciteit/gas beperkt is.
Uitbreiding huisvesting en nieuwbouw
In 2021 is gestart met de planvorming van de projecten in het IHP van de gemeente Groningen. Zie hiervoor de volgende tabel:
| School | startjaar planvorming | actie | budget gemeente | eigen bijdrage |
|---|---|---|---|---|
| Nassauschool | 2021 | uitbreiding / transformatie | 2.866.000 | 200.000 |
| Meeroevers | 2021 | vervangende nieuwbouw | 7.146.000 | 359.000 |
| De Heerdstee | 2021 | vervangende nieuwbouw | 3.170.000 | 0 |
| De Wegwijzer | 2022 | vervangende nieuwbouw | 5.377.000 | 186.000 |
| 18.559.000 | 745.000 |
De plannen voor De Heerdstee zijn in overleg met de gemeente vooralsnog on hold gezet. Door de gemeente is in 2024 een onderzoek uitgevoerd naar de toekomst van de wijk Beijum en de mogelijke gevolgen met betrekking tot de huisvesting in kaart gebracht. In 2025 zal hierover met de gemeente afspraken worden gemaakt.
Voor SWS Meeroevers is in 2021 een sterke herstart in de planvorming gemaakt. Het definitieve programma is een school voor 450 leerlingen en 7 groepen kinderopvang. Bestemmingsplan en omgevingsvergunning zijn in procedure. Verwachting is selectie aannemer medio 2025 en mogelijk start bouw. Oplevering medio 2027.
Op de Nassauschool is een vooronderzoek gestart naar de haalbaarheid en de wenselijkheid van het verblijf op de huidige locaties en met de huidige gebouwconstellatie. De uitkomst hiervan kan van invloed zijn op de mogelijke investering. In 2024 is de PvE fase en de planvorming gestart. De transformatie/upgrade van de Nassaulaan en het Monument wordt hiervoor samen met de gemeente opgestart. In een later stadium kan eventueel ook, afhankelijk van de investeringskosten, ook de overige gebouwen van de Graaf Adolfstraat hierin meegenomen worden. Investeringen die dan wel door VCOG zelf zullen moeten worden opgebracht.
In 2022 is een start gemaakt worden met de planvorming voor de nieuwbouw van De Wegwijzer. Hiervoor zijn de eerste verkenningen naar de locatie van de nieuwbouw gedaan. In 2024 heeft de architectenselectie plaatsgevonden en een start gemaakt met het ontwerp. Eind 2025 wordt de bouw aanbesteed.
Algemeen punt is nog wel de energiecongestie. Vooralsnog lijkt het erop dat we voor de Meeroevers zeker zijn van energieleverantie. Voor de andere projecten is dit, ondanks maatschappelijke prioriteit, nog niet zeker. Dit geldt ook voor verzwaring van de huidige aansluitingen. Samenwerking met Warmtestad wordt gezocht om toch in de warmte/koude vraag te kunnen voldoen. Dit is een doorlopend aandachtspunt ook bij de gemeente Groningen.
Facilitaire zaken
In 2024 is een Europese aanbesteding gelopen voor het aanbesteden van het schoonmaakonderhoud op de scholen/IKC’s. Na de herfstvakantie is schoonmaakbedrijf Effektief begonnen als nieuwe partner voor het schoonmaakonderhoud op de scholen/IKC’s van de VCOG.
Informatiebeveiliging en Privacy
In het afgelopen jaar zijn diverse stappen gezet binnen VCOG ter versterking van onze informatiebeveiliging en borging van privacy. Binnen de organisatie is een structureel traject gestart in samenwerking met een externe Privacy Officer. Deze heeft als opdracht gekregen om het informatiebeveiligings- en privacy beleid verder te professionaliseren en te zorgen dat onze organisatie op het gewenste volwassenheidsniveau aansluit bij het geldende normenkader (doel: niveau 2.8). Daarnaast zijn er op technisch vlak meerdere verbeteringen doorgevoerd. Zo is de netwerkstructuur aangepast door de overstap naar een beter beheersbare en meer geïsoleerde verbindingstechnologie. Dit biedt meer inzicht, grip en controle over de infrastructuur en beperkt de impact van eventuele verstoringen tot individuele locaties.
Ook op het vlak van toegangsbeheer zijn belangrijke stappen gezet. Multifactorauthenticatie is ingevoerd, inclusief conditional access op gebruikersniveau, zodat alleen bevoegde personen toegang hebben tot systemen en gegevens. Hiermee wordt ingespeeld op risico-gebaseerde toegang en het voorkomen van ongeautoriseerde datatoegang.
Ter ondersteuning van veilig en vertrouwelijk documentbeheer is de Printix-app geïmplementeerd. Deze oplossing maakt beveiligd afdrukken mogelijk, waarbij documenten pas worden vrijgegeven bij de printer na verificatie van de gebruiker. Dit draagt direct bij aan het beschermen van persoonsgegevens en bedrijfsgevoelige informatie. Daarnaast is HelloID ingericht als koppeling tussen onze administratieve systemen (Visma) en Microsoft 365. Hiermee wordt gewerkt met een rollen- en rechtenstructuur, waardoor autorisaties consistent en beheersbaar zijn ingericht. Dit versterkt de grip op gebruikersrechten en verkleint het risico op fouten of ongewenste toegang.
Deze en andere maatregelen dragen bij aan een meer robuuste informatiehuishouding, waarbij de continuïteit, integriteit en vertrouwelijkheid van gegevens structureel worden geborgd.
2.4 Communicatie
Ontwikkelen websites
Bouw nieuwe website VCOG
Het afgelopen jaar is een start gemaakt met de verdere doorontwikkeling van de VCOG-website.
Er was behoefte aan een flexibele homepage, waarop belangrijk nieuws eenvoudig gepusht kan worden. Ook is er gewerkt aan een betere presentatie van het aanbod op het gebied van Leren en Ontwikkelen, zodat (potentiële) collega’s hier makkelijker kennis mee kunnen maken. Daarnaast is de huisstijl van de VCOG verder verfijnd en geïntegreerd in de website. Achter de schermen zijn nieuwe ontwerpen gemaakt, teksten geoptimaliseerd en is gewerkt aan nieuwe fotografie. De vernieuwde website is uiterlijk vanaf het tweede kwartaal van 2025 online te bekijken.
Schoolwebsites
Naast de boven schoolse website is er gewerkt aan de schoolwebsites. Na een succesvolle pilot zijn inmiddels negen van de twaalf scholen en (I)KC’s overgestapt op een nieuw platform. Dit biedt niet alleen een gebruiksvriendelijker systeem, maar maakt het ook mogelijk om belangrijke documenten op één plek centraal te kunnen vernieuwen. Voor De Wegwijzer en de Nassauschool zijn de nieuwe huisstijlen volledig doorgevoerd in hun websites, waardoor de herkenbaarheid is versterkt.
Doorontwikkelen huisstijlen
Huisstijl VCOG
De huisstijl van de VCOG is verder geprofessionaliseerd. Dit geldt niet alleen voor de algemene uitstraling, maar ook voor diverse communicatie-uitingen, zoals vacatures, presentaties, briefpapier en rapportages. Ook de visuele identiteit van VCOG Kinderopvang en de afdeling Leren en Ontwikkelen zijn verder uitgewerkt binnen de kaders van de overkoepelende huisstijl.
Communicatie-uitingen diverse scholen en (I)KC’s
Na de succesvolle implementatie van de VCOG-huisstijl is een volgende stap gezet: het professionaliseren van de communicatie-uitingen van de scholen en (I)KC’s. In samenwerking met diverse locaties zijn uitingen zoals flyers, advertenties en websites geoptimaliseerd, met oog voor herkenbaarheid en toegankelijkheid. Bij de uitwerking is rekening gehouden met de groep(en) die we willen aanspreken. Voorbeeld: bij de nieuwkomersschool maken we gebruik van korte teksten + iconen, zodat ouders/verzorgers teksten makkelijk kunnen vertalen via Google Translate.
Campagne Satellietgroepen
Om de zichtbaarheid en bekendheid van de satellietgroepen te vergroten is een communicatiestrategie ontwikkeld die zich richt op drie doelgroepen: ouders/verzorgers, VCOG-medewerkers en externe doorverwijzers. Ouders worden geïnformeerd via onder andere flyers, een overzichtelijke websitepagina en persoonlijke kennismakingsgesprekken. Binnen de VCOG is ingezet op interne bekendheid via nieuwsbrieven, presentaties en posters op scholen/(I)KC’s. Externe doorverwijzers, zoals orthopedagogen en onderwijsprofessionals, worden bereikt via gerichte informatiecampagnes en netwerkmomenten, zoals tijdens de Week van de hoogbegaafdheid.
Wervingscampagnes kinderopvang
De werving van kinderen voor de opvanglocaties van VCOG is verder geprofessionaliseerd. Bij de opstart, uitbreiding of krimp van opvanggroepen wordt nauw samengewerkt met VCOG Kinderopvang en de betreffende locaties. Wervingscampagnes worden op maat ingericht, met onder andere: online advertenties, informatiefolders en promotiemateriaal op locatie en bij samenwerkingspartners.
Naamgeving locaties
In samenwerking met VCOG kinderopvang is een procedure opgesteld voor de naamgeving van VCOG-locaties. Hierin staat beschreven dat scholen en (I)KC’s autonomie behouden over hun naam, met een duidelijk onderscheid voor locaties met eigen kinderopvang, die de term IKC in hun naamvoering hanteren. Daarnaast is bepaald dat eventuele naamswijzigingen op een vast moment in het jaar worden doorgevoerd en altijd worden afgestemd met het bestuur. Dit draagt bij aan een consistente en herkenbare profilering van de locaties.
2.5 Financiën
Financieel beleid
Om de kwaliteit van het onderwijs te waarborgen geldt als uitgangspunt de vraag per school wat nodig is voor goed onderwijs. Om de continuïteit van de stichting te waarborgen geldt als uitgangspunt een sluitende exploitatie per organisatieonderdeel. Daarnaast is van belang dat het eigen vermogen van de stichting op het gewenste niveau wordt gehouden. De rijksbijdrage en overige inkomsten dienen toereikend te zijn om een school te kunnen exploiteren. Daarbij is een schooldirecteur integraal verantwoordelijk voor alle budgetonderdelen. Voor elke school wordt een begroting opgesteld waarbij de verwachte baten en lasten zijn weergegeven. De rijksbijdrage wordt per brinnummer in componenten ontvangen, zoals de personele bekostiging en onderwijsachterstandsmiddelen. Al deze bijdragen worden rechtstreeks toebedeeld aan de school. Elke school draagt, middels een vast percentage, een deel af ter dekking van de lasten van het bestuursbureau en de projectuitgaven voor gezamenlijke kwaliteitsontwikkeling.
De begroting van het volgende jaar wordt opgesteld in de tweede helft van het lopende jaar. Allereerst wordt een kaderbrief geschreven met algemene en specifieke uitgangspunten voor het nieuwe begrotingsjaar. Vervolgens worden gesprekken gevoerd met budgethouders en staf om te komen tot een begroting die realistisch is en welke past binnen de gestelde kaders. Het monitoren van de exploitatie gedurende het jaar gebeurt op basis van periodiek overleg tussen schooldirecteuren en de afdeling control en met volledige en juiste informatievoorziening.
Bij het opstellen van de begroting wordt ook voor de komende jaren een zo nauwkeurig mogelijke inschatting gemaakt van de begrotingsontwikkelingen. Daarmee wordt in één applicatie zowel de begroting als de meerjarenbegroting gegenereerd.
Ontwikkelingen in 2024
De meest opmerkelijke ontwikkelingen in de exploitatie van 2024 waren:
- De rijksbijdrage van het ministerie van OCW was in totaal € 0,5 mln. hoger dan begroot. Dit komt door een indexering van de rijksbijdrage als gevolg van cao-loonaanpassingen.
- Een blijvende instroom van kinderen van asielzoekers maakt dat er aanzienlijk meer bijzondere bekostiging is ontvangen. Verder is er een subsidie voor een extra inzet op basisvaardigheden ontvangen. In totaal waren de overige inkomsten van OCW € 0,8 mln. hoger dan begroot.
- De omvang van ontvangen subsidies was € 1,2 mln. hoger dan begroot. Dit komt met name door de niet begrote subsidie voor naschoolse activiteiten (de Verlengde Schooldag), welke gezamenlijk met andere scholen in vier stadswijken wordt ingezet. VCOG is hierbij de penvoerder, waardoor de gehele subsidie in de exploitatie is gepresenteerd. Verder was er meer subsidie voor de bekostiging van onderwijs aan nieuwkomerskinderen.
- De overige inkomsten zijn € 1,2 mln. hoger dan begroot, onder meer door toenemende bijdragen van het Jeugdeducatiefonds. Deze bijdrage wordt onder andere gebruikt voor het verstrekken van maaltijden aan kinderen op school. Ook was er de bijdrage van de Stichting Zonnelaan van 250K, welke jaarlijks tot en met 2028 wordt verstrekt.
- De personeelslasten waren € 2,5 mln. hoger dan begroot. De personele inzet was hoger (295 fte) dan begroot (265 fte), vooral door een aanzienlijk verzuim in. Verder was er een hogere inhuur van expertise om het nieuwkomersonderwijs en de naschoolse activiteiten op de scholen te kunnen organiseren. Ook worden op IKC-scholen medewerkers van de aanpalende kinderopvangorganisatie ingezet als onderwijsassistent. Verder was er sprake van een loonstijging van 4,9% per 1 oktober.
- De huisvestingslasten waren € 0,7 mln. hoger dan begroot. Dit kwam met name door aanpassingen in het meerjaren onderhoudsplan, waardoor in 2024 een aanvullende dotatie aan de voorziening cyclisch onderhoud nodig was. Verder waren de schoonmaaklasten hoger dan begroot.
- De overige lasten zijn € 1,4 mln. hoger dan begroot. Dit betrof grotendeels uitgaven voor de verstrekking van maaltijden op school en uitgaven voor naschoolse activiteiten, beiden bekostigd uit de ontvangen subsidie.
Overig
Voor meerdere VCOG-scholen is bijzondere bekostiging ontvangen ten behoeve van de opvang van kinderen van asielzoekers en overige vreemdelingen. Deze worden opgenomen in een schakelklas nieuwkomers. Zij ontvangen allereerst een jaar maatwerk onderwijs dat is gericht op integratie en taalontwikkeling. Vervolgens worden zij opgenomen in reguliere klassen van andere scholen.
De bekostiging voor professionalisering en begeleiding starters is in de begroting geheel opgenomen als opleidingsbudget. Dit wordt aangewend voor individuele training, teamdagen en coaching. Op elke school wordt de schoolbegroting besproken met de medezeggenschapsraad.
In 2024 waren acht scholen met een subsidie voor extra inzet op basisvaardigheden zoals taal en rekenen. De subsidie loopt door in 2025 en bij enkele scholen tot de zomer van 2027.
Treasury
VCOG ondervindt weinig risico ten aanzien van het borgen van voldoende liquiditeit. Voor bijzondere uitgaven kan bovendien een beroep worden gedaan op het steunfonds Stichting Zonnelaan. De aanwezige liquiditeit is verspreid over twee banken. De Rabobank is de huisbankier en bij de ABN AMRO zijn liquide middelen weggezet in spaartegoeden en termijndeposito’s. Er zijn ten opzichte van 2023 geen mutaties in het treasurystatuut geweest. Aangezien er geen gebruik wordt gemaakt van beleggingen, derivaten en leningen valt hierover niet te rapporteren in het jaarverslag.
2.6 Continuïteitsparagraaf
Interne risicobeheersingssysteem
De organisatie van de interne risicobeheersing is bij VCOG zo ingericht dat dit is ingebed in de reguliere werkzaamheden. Voorname uitingen van interne risicobeheersing zijn:
Raad van Toezicht en College van Bestuur
VCOG heeft een Raad van Toezicht en een College van Bestuur. In de statuten en het managementstatuut is de scheiding tussen bestuur en intern toezicht vormgegeven. VCOG houdt zich aan de code Goed Bestuur in het Primair Onderwijs.
Periodieke managementrapportage
Elk kwartaal wordt het College van Bestuur voorzien van een financiële managementrapportage waardoor de bestuurder inzicht heeft in de ontwikkelingen en hier adequaat op kan sturen. Deze rapportage wordt besproken met diverse geledingen, zoals het MT en de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad. Ook de Raad van Toezicht kan met behulp van deze rapportage haar toezichthoudende rol vervullen.
Aanbevelingen externe accountant
De externe accountant rapporteert jaarlijks aan het College van Bestuur inzake risico’s met een divers niveau van geschatte impact. Deze managementletter wordt uitgebreid besproken en aan de hand daarvan worden verbeterafspraken geformuleerd.
Risico’s en onzekerheden
VCOG wordt geconfronteerd met risico’s die momenteel in het onderwijs gelden. Hierna volgt een overzicht van mogelijke risico’s en een raming van de geschatte kosten:
| kosten | optreden | ||
|---|---|---|---|
| 1. | Mogelijke gevolgen van aanhoudend hoog ziekteverzuim | € 500.000 | 50% |
| Het ziekteverzuim is aanzienlijk door onder andere een hoge werkdruk. | |||
| 2. | Leerlingprognoses laten op sommige locaties een krimp zien | € 500.000 | 50% |
| Stichting VCOG Onderwijs heeft te maken met een lichte krimp van aantal leerlingen. Door de scholen wordt vol ingezet op herstel van de bezetting, onder andere door nieuwe huisvesting. | |||
| 3. | Nieuwbouw en renovatie van de schoolgebouwen | € 755.000 | 75% |
| In het actuele integraal huisvestingsplan van de Gemeente Groningen is een mogelijke eigen bijdrage van VCOG. Dit is als risico opgenomen. | |||
| 4. | Fluctuaties in een actueel en passend MJOP ten behoeve van onderhoud schoolgebouwen | € 500.000 | 50% |
| Het meerjaren onderhoudsplan wordt periodiek geactualiseerd en dat kan leiden tot een extra dotatie van de voorziening cyclisch onderhoud. | |||
Het meest urgente risico is het vinden van goed gekwalificeerde medewerkers. Met name tijdelijke, kortdurende vervanging van leerkrachten is een knelpunt. Er wordt alles aan gedaan om te voorkomen dat in geval van ziekte het bericht volgt dat de les van die dag niet kan doorgaan en leerlingen onverrichterzake weer naar huis kunnen.
Ook geldt dat er een permanent spanningsveld is tussen de ontwikkeling van het aantal leerlingen en de beschikbaarheid van passende huisvesting. Het tijdig anticiperen op ontwikkelingen in de gemeente Groningen en het aanschuiven bij strategisch overleg op gebied van huisvesting is derhalve van groot belang. Zo is er gestart met de uitvoering van een nieuw integraal huisvestingsplan. Hierin is voor een aantal VCOG-scholen in de komende jaren vervangende nieuwbouw gepland.
Een steeds urgenter wordend risico is de toename van armoede in specifieke wijken in de gemeente. Dit vertaalt zich in de scholen in die wijken in een toenemende zorgproblematiek, waarbij minder leerlingen naar het Speciaal Onderwijs kunnen worden verwezen vanwege de overvolheid van het Speciaal Onderwijs.
Voor de huidige gebouwen geldt een meerjaren onderhoudsplan. Deze wordt jaarlijks geactualiseerd en dit kan leiden tot een bijstelling van de voorziening cyclisch onderhoud en een mogelijke extra, niet begrote dotatie.
De risico’s worden periodiek besproken in het managementoverleg met de stafleden en de bestuurder. Ook is er jaarlijks een generiek overleg tussen MT leden (bestuurder, directies en staf) en de toezichthouders.